De Buitendijk Story

CokJan Buitendijk, geboren in dat deel van het Zuid-Hollandse land waar het leven net zo goed is als de regionale producten, startte in 1942 zijn Rotterdamse activiteiten als groothandelaar in boter, kaas en eieren. De onderneming groeide voorspoedig en de behoefte aan uitbreiding van mankracht deed zich weldra voelen.

Aan vrienden, tevens leveranciers, uit de omgeving van Woerden en Bodegraven vertelde Jan niet zonder trots hoe het hem met z’n producten verging in de grote stad. Een van de bekendste kaasboeren, Jan Verkleij was de naam, had een zoon die hij graag in het vak zag, zodat via hem de familietraditie zou worden voortgezet. Pa Verkleij sprak met Jan Buitendijk. Als gevolg daarvan trad een zekere Cok Verkleij, geboren 16 april 1950 als jongste telg van een kaasgeslacht, op 1 juni 1970 in dienst bij de zuivelgroothandelaar die vanuit een pakhuis in de Kralingse Ommoordsestraat opereerde.

Helaas was de samenwerking van korte duur; op 13 februari 1972 kwam Jan te over-lijden. Zijn familie gaf de wens te kennen het nagelaten bedrijf te willen verkopen. Cok bedacht zich niet lang. Ondernemend als hij toen reeds was praatte hij met pa en leende geld van hem. Hiermee zette hij de zaak van zijn vroegere baas niet alleen voort, maar bouwde deze naar zijn eigen ideeën verder uit. Dit had nogal wat gevolgen! Alras was de beschik-bare ruimte te klein. In 1976 werd dan ook een belendend pand erbij betrokken, waarmee de toenmalige capaciteit met meer dan 100% werd vergroot!

Reeds eerder op 1 november 1972, was de akte gepasseerd waarmee BUITENDIJK KAAS en WIJNHANDEL BV. een feit werd met, hoe kan het anders, Cok Verkleij als Directeur. Jaren van permanente uitbreiding braken aan, onder andere met de ge-hele productielijn van Melkunie-Holland.

De stadvernieuwers van de gemeente Rotterdam lieten Buitendijk-nieuwe-stijl echter niet onberoerd. Dit had tot gevolg dat in mei 1986 werd verhuisd vanuit een renovatiegebied naar een royaal opgezet bedrijfspand aan de Dijkstraat, eveneens in Kralingen. Dit betekende een uitbreiding van het vloeroppervlak met circa zestig procent, een sterk verbeterde geografische ligging annex infrastructuur en, last but not least, een uitdaging voor nog meer expansie in de dienstverlening. Welnu, Cok ging het veld in en slaagde er binnen de kortste keren wederom in zijn klantenbestand verder uit te breiden in vrijwel alle lagen van de catering-, verzorgings- en verplegingswereld.

Dit had tot gevolg dat het aantal arbeidsplaatsen binnen de organisatie groeide van vier naar elf medewerkers en het rollend materieel werd uitgebreid van twee naar vijf bedrijfswagens. Ook het leveringsprogramma onderging een aantal aanpassingen, zo-wel de wensen van de cliënt als de eisen van Warenwet en Wet Productaansprakelijkheid. Die in toenemende mate eisen gingen stellen op het terrein van hygiëne, productbehandeling en presentatie.

De zich steeds uitbreidende activiteiten in de sfeer van party-, beurs- en projectcatering, levering van seizoenpakketten, jubileumgeschenken, enzovoorts leidden ertoe dat de naam “Buitendijk Kaas en Wijnhandel” niet meer de vlag was die de complete lading dekte.

Begin jaren negentig ging Cok dan ook de markt op met de naam “BUITENDIJK”, waarbij het bekende logo bleef gehandhaafd. Vanuit de Dijkstraat floreerde in zijn branche vooraanstaande groothandel, alom gewaardeerd vanwege uiterst snelle leve-ring van producten en diensten aan een groeiend klantenbestand, zowel binnen Rotterdam als tot diep in de Randstad.

In het kader van de expansie was de invoering van een volledig geautomatiseerde administratie, met als één van de meest essentiële elementen de telefonische orderverwerking, onontbeerlijk geworden.

In 1993 was het wederom de overheid die een spaak in het Buitendijk-wiel stak. Een grote, langdurige bodemsanering van de “Vlinderbuurt”, waaronder Dijkstraat nr. 1 viel, lag hieraan ten grondslag. Aan het onder druk van de bewoners opgezette project werd tegelijkertijd een aantal voor de verdere ontwikkelingen van Buitendijk ongunstige planologische structuurwijzigingen gekoppeld.

Dit laatste deed Cok besluiten om op zoek te gaan naar een andere locatie. Na intensief speurwerk en vlijmscherp onderhandelen met de betrokken overheden en instanties, werd een nieuwe stek gevonden: weer groter dan de vorige (1100 m2) met een nog betere bereikbaarheid, Graafstroomstraat 19B in het industriegebied Spaanse Polder aan de westrand van Rotterdam.

Van hieruit opereerde en groeide Buitendijk weer met veel succes; zoveel zelfs dat de muren opnieuw gingen knellen.
Edoch, de sterren stonden gunstig: medio 1999 stapte de buurman, die het dubbele Buitendijkpand spiegelbeeldig deelde, binnen met de mededeling dat hij zich ging terugtrekken uit zaken, met de daaraan gekoppelde vraag of er wellicht interesse be-stond in de ruimte die binnenkort vrij zou komen.

Na een wat onrustige nacht stond Cok’s besluit vast: onderhandelen met slechts één doel: kopen! Cok liet zich daarna van een nieuwe kant zien: die van bouwpastoor. Hij ontwikkelde rond de verruimde opslag- en productieruimten een unieke logistieke routing, het ge-heel getoetst aan de modernste eisen van voedselveiligheid.

Vanuit een optimaal benutte ruimte, die exact 100% groter is dan waarin Cok in 1995 in de Spaanse polder van start ging, wordt thans een aanzienlijk deel van de regionale markt 75 uur per week bedient, met een personeelsbestand van 24 medewerkers in vaste dienst en een specialistisch wagenpark, ingericht voor zowel gekoeld als ongekoeld vervoer van het gehele leveringsprogramma.